Interview Tim Saey

Welke opleiding heb je gevolgd?

De musicalopleiding aan het Koninklijk Conservatorium Brussel

Wat waren je verwachtingen van het “wereldje” toen je afstudeerde? Strookt dit met de werkelijkheid?

Ik had verwacht dat het knokken zou worden om hier en daar aan een rol of een ensembleplek te geraken, maar ik had niet zien aankomen dat er uberhaubt zo weinig job zou zijn om voor te vechten. Toen ik het zevende jaar volgde aan de Kunsthumaniora in Antwerpen was musical in de lift. Ook in het begin van mijn opleiding in Brussel was er nog best veel te beleven in het Vlaamse musicallandschap. Er waren verschillende grote producties per jaar, en het zag ernaar uit dat dat nog beter zou worden. Helaas…

Dit klonk nu heel zwart, maar ik heb eigenlijk niet te klagen. Ik heb de chance gehad om al een aantal mooie producties te kunnen doen, en heb nog wel mooie projecten in het vooruitzicht. Ik denk dat het landschap van vandaag vraagt naar creatieve jonge mensen die zelf de handen uit de mouwen willen steken. Dat probeer ik ook te doen, zelf te creëren, projecten op te zetten, een eigen plekje op de markt te bouwen. Als de berg niet naar Mozes komt…

Waar kunnen de lezers van BOA je van kennen?

Tijdens mijn laatste jaar op school stond ik in het ensemble van Assepoester, het Tamelijk Ware Verhaal. Daarna heb ik gewerkt bij 14-18, De Spectakel-Musical als lid van het ensemble en understudy Sergeant Dedecker. Op televisie was ik te zien in een aflevering van Nachtwacht, en dit voorjaar kwam de film Zaak de Zutter in de bioscoop, waarin ik een bijrol vertolkte. Trouwe BOA lezers zullen mij ook herkennen van mijn band Xqueeze, waarover eind vorig jaar ook een artikel verscheen in jullie magazine.

Wat zijn tot nu toe de hoogtepunten geweest in je carrière en waarom?

Mijn eerste job was meteen een onvergetelijke ervaring. Bij 14-18 werd ik in een groep gesmeten die het stuk al zo’n 100 keer gespeeld had. Een zeer korte maar intensieve repetitieperiode dus, om als nieuweling mijn plek te vinden in die gigantische machine die 14-18 was. Maar ik kwam terecht in een groep ongelofelijke mensen die mij meesleurden in het spectakel. Uiteindelijk mocht ik ook enkele keren heel onverwachts op als Sergeant Dedecker, wat voor een groentje als ik echt kicken was.

Kun je ons iets meer vertellen over je andere muzikale projecten? 

Samen met twee oud-klasgenootjes, Liesbeth Roose en Stephanie Vandendriessche hebben wij in 2015 Sing us a Song in het leven geroepen. Met een eenvoudige bezetting – piano en zang – spelen we regelmatig op huwelijken, recepties, feesten etc. We proberen telkens om creatieve akoestische versies te brengen van bestaande nummers. De verscheidenheid aan opdrachten houdt het wel spannend: er zijn elke keer nieuwe songs bij, nieuwe versies, nieuwe settings… Zolang we ons maar kunnen uitleven met de muziek!

Dat ‘uitleven met de muziek’ is ook de basis van Xqueeze, de partyband waarbij ik samen met onze nieuwe zangeres Ariane Van Hasselt het frontduo vorm. Samen met vier hele straffe muziekanten verheffen we de term ‘medley’ tot het extreme. Eigenlijk kan je ons het best vergelijken met een DJ-set: we maken mashups met alle beste platen van de laatste 50 jaar muziekgeschiedenis. Eén groot verschil: alles gebeurt live. Een loodzware set waar ik zwaar op heb moeten trainen, want we gunnen het publiek – en dus ook onszelf – geen moment rust. ’t Voelt elke keer opnieuw als een marathon lopen, maar ’t is ongelofelijk leuk om te doen.

Daarnaast begin ik binnenkort ook terug met schrijven. Ooit schreef ik de muziek voor De Maagd Van Orleans, een schoolproject dat we toen in samenwerking met Musical Van Vlaanderen naar de Capitole hebben gebracht. De microbe van het componeren is sindsdien blijven rondspoken, en ik ben blij dat ik vanaf september mijn tanden in een stevig project kan zetten. Wat dit zal worden ga ik nog even niet verklappen…

Deze zomer ben je te zien in Albert 1 als Ludwig. Hoe verliep de selectieprocedure?

Tussen september en november 2015 vonden er verschillende auditierondes plaats waar uiteindelijk een cast uit werd samengesteld. De laatste ronde was al in het kasteel waar we nu ook spelen, een ongelofelijk mooie locatie.

Hoe reageerde je toen je het goede nieuws te horen kreeg (Albert 1)? 

Het eerste wat ik altijd doe als ik nieuws krijg over een auditie is mijn mama bellen. Zij heeft voor mijn audities meestal meer last van zenuwen dan ik. Het was heerlijk om naar huis te bellen en te kunnen zeggen: ‘Moeke, ‘k heb ne rol in die musical aan da kasteel!’

Kun je meer vertellen over jouw rol hierin (Albert 1)?

In het stuk mag ik Her Ludwig von Waldeck-Pyrmont vertolken, de gezant van de Duitse keizer Wilhelm. Hij is het die koning Albert moet overtuigen om voor de Duitsers te plooien. Ludwig is een beetje de bad guy van het stuk; hij is leep en doortrapt en deinst er niet voor terug om grove middelen te gebruiken om zijn doel te bereiken. Niet meteen een type die je graag wil ontmoeten, maar wel heel fijn om te spelen. Naast de rol van Ludwig neem ik ook de understudy van Albert voor mijn rekening. Een stevige brok, maar bijzonder leerrijk om met een rasacteur als Lucas mee te mogen repeteren.

Wat mogen de lezers verwachten van het Musical Spektakel Albert 1?

Sinds twee weken repeteren wij op het podium, met decor, en het is nu al ongelofelijk indrukwekkend. We staan met zo’n 200 man on stage, en de kracht van zo’n grote groep is enorm. Tel daar een live orkest bij, straffe special effects, authentieke kostuums, paarden, auto’s, en dat alles in die waanzinnige setting voor het kasteel… ik zou zeggen: wie nog geen tickets heeft heeft ongelijk! We zijn er steeds meer klaar voor om die 2000 toeschouwers per show weg te blazen, te ontroeren en verbluft terug naar huis te sturen achteraf.

Tot slot: Waar zie je jezelf over vijf jaar?

Ik hou niet zo van ver in de toekomst kijken, omdat die toch zo onvoorspelbaar blijft. Ik hou van dit vak, dat besef ik keer op keer als ik de kans krijg om op een podium te kruipen. Als ik dit binnen vijf jaar nog steeds – en hopelijk nog meer dan nu – kan doen, zal ik een heel gelukkig mens zijn. Dat enkele ministers met scheve subsidiedosiers roet in het eten gooien, mag ons niet weerhouden om waardevolle producties te blijven maken in de nabije toekomst, en alles te doen wat in onze macht ligt om dit prachtige genre geen stille dood te laten sterven. Amen.

SHG_Tim Saey 19