Maandelijks zetten wij een acteur of actrice in de spotlight.

Voor deze vierde editie heb ik Elke Buyle uitgenodigd voor een interview. We leren haar beter kennen en kijken samen naar haar artistieke toekomst.

 

Interview met Elke Buyle

Elke Buyle

Welke opleiding heb je gevolgd?

Ik volgde het voorbereidend jaar musical op dé Kunsthumaniora! van Antwerpen en studeerde in 2008 af aan de musicalafdeling van het Conservatorium van Brussel.

Hoe ben je in het musicalwereldje terecht gekomen?

Toen ik 12 was, vierde de SAMWD van Lier, waar ik zo goed als al mijn vrije tijd spendeerde, haar 75 jarig jubileum. Er werd een musical gecreëerd, gebaseerd op het boek « Pallieter » van Felix Timmermans. Ik zong mee in het koor en die eerste kennismaking met musical werd een onvergetelijke, spannende ervaring. Het plezier, de vriendschap en de magie die ontstond bij de cast, op het podium, in het volle zicht van het publiek werkte aanstekelijk!
Tussen de acteurs zat een jongeman, toen al boordevol ambities en ideeën, wiens naam thuis regelmatig viel, net omdat hij zo bezield was en zulke plannen had. Een paar jaar later startte die spring in ‘t veld zijn eigen musicalgezelschap op en de eerste productie zou « Jesus Christ Superstar » worden. Het zal niemand verbazen als ik vertel dat die ambitieuze jongeman van toen amper 17 jaar, Sam Verhoeven heet. Hoewel ik te jong was om auditie te doen, mocht ik toch voorzingen. Voor ik het goed en wel doorhad speelde ik het kleine opdondertje (letterlijk dan!) Annas, het hulpje van Caiphas. Als veertienjarige tussen al die getalenteerde en gepassioneerde mensen, mijn wereld ging open. Velen onder hen gingen naar het conservatorium om musical te studeren. De liefhebbers die tot voor kort naast mij stonden of ons coachten, stonden nu in professionele producties bij het Koninklijk Ballet van Vlaanderen, Music Hall en Joop van den Ende. Het werd mij heel snel duidelijk dat ik diezelfde richting uitwilde. Ik ademde ondertussen musical, kende hele producties uit mijn hoofd en zag alles wat er speelde in Vlaanderen en Nederland. Dat kleine zaadje dat werd geplant ten tijde van “Pallieter”, was ondertussen uitgegroeid tot een gigantische boom. Ik ben Sam nog steeds ontzettend dankbaar dat ik toen de kans heb gekregen om in zo’n warm nest mijn talent te mogen ontdekken en ontwikkelen.

 

Je hebt deelgenomen aan “ Op zoek naar Maria”, hoe heb je deze periode ervaren?

“Op zoek naar Maria” was voor mij een enorm leerrijke periode. Het was een sprong in het onbekende, omwille van het televisie-aspect. Ik had ook nooit gedacht dat ik in de live shows terecht zou komen. Ik was net afgestudeerd en ineens stond ik naast gevestigde waarden als Deborah de Ridder, Liv van Aelst, Nicoline Hummel, Helen Geets, Fleur Brusselmans, … Ik ben aan dat avontuur begonnen met het idee “we zien wel”. Ik zag mezelf helemaal niet als Maria, ik was op dat moment in mijn ogen ook helemaal nog niet klaar voor een hoofdrol. Net daardoor was het voor mij vooral plezant. Alles wat ons werd meegegeven in workshops, zoog ik op als een spons. Salzburg voelde aan als een vakantie met nieuwe vrienden, die per toeval ook collega’s waren. Toen we aan de live shows begonnen, kreeg ik superfijne reacties en enorm veel steun langs alle kanten. De negatieve dingen die af en toe vermeld werden, nam ik mee, maar wogen niet op tegen de goede verstandhouding met de collega’s en met de mensen van productie en techniek die de show mee maakten. “Op zoek naar Maria” was voor mij een productie op zich, elke week een nieuwe voorstelling, waarin we het beste van onszelf mochten geven en ons konden laten zien aan heel Vlaanderen. Het hele wedstrijd-gegeven ging een beetje aan mij voorbij, omdat de prijs voor mij niet de rol was, maar de hele ervaring die ik op dat moment opdeed.

 

Heeft die deelname herkenning met zich meegebracht en met gevolg deuren voor je geopend?

Ik werd helaas niet plots overstelpt met allerlei aanbiedingen. ☺ Maar ik heb mijn eigen deur geopend in die zin dat ik tijdens dat avontuur enorm veel over mezelf én over anderen geleerd heb. Die kennis gaf mij zelfvertrouwen.
Ik heb ondervonden dat veel mensen jou zien op de manier waarvan zij denken dat jij jezelf ziet. En ik leer nog elke dag bij over hoe ik daarmee moet omgaan. Want als zij dat beeld voor zichzelf niet kunnen plaatsen, wordt dat heel gauw iets negatief. Ten tijde van Maria werd ik bestempeld als het bescheiden dikkertje en dat werd ook meerdere keren naar mijn hoofd “geslingerd” als iets negatief. Met dat dikkertje heb ik afgerekend, omdat ik mezelf beperkingen oplegde door mijn figuur. Maar bescheiden, of liever nederig, ben ik nog steeds, omdat het voor mij helemaal niets negatief is! Ik zou het verschrikkelijk vinden, moest ik dat deel van mezelf moeten veranderen om aan een job te geraken. Ik denk ook niet dat ik dat kan, meer zelfs: ik wil het niet. Ik zal op een auditie steeds het allerbeste van mezelf geven, omdat ik geloof dat het dààr moet gebeuren. Daar moet je producent en regisseur overtuigen dat jij degene bent die zij zoeken. En daarbuiten ben ik gewoon wie ik ben. Niet meer of niet minder. Daarbuiten wil mezelf niet heel de tijd moeten bewijzen of mezelf beter voor doen om aanvaard en gezien te worden. Ik wil in vriendschap en integriteit de job doen die ik heb gekregen om dat ik op dat moment de beste was voor de rol.

 

Wat was tot hier toe het hoogtepunt van jouw carrière?

Zes maanden “Tanz der Vampire” mogen spelen in Berlijn was toch wel een droom die werkelijkheid werd. Alhoewel, een droom is niet echt het juiste woord. Van aangenomen worden in het buitenland had ik voordien nog niet durven dromen. Zoiets was in mijn hoofd weggelegd voor de zeer ambitieuze en avontuurlijke mensen. Zo lang van huis, weg van familie en vrienden en mijn Koen, niets voor mij. Op het moment dat men vroeg of ik wilde auditeren, dacht ik “Haha! Kom, voor de fun, gewoon proberen. De kans dat je wordt aangenomen in Duitsland is zó klein…” Niet dus, een week na de auditie werd ik gebeld met de boodschap dat ik was aangenomen. Het gevoel dat ik kreeg bij de woorden “we would like to offer you the part” vergeet ik nooit. Het was een mix van extase, ongeloof en misselijkheid.
Ook de eerste keer dat ik op mocht als Rebecca, de herbergiersvrouw, was waanzin! Ik kon maar niet geloven dat ik in een vreemde taal, voor een bomvolle zaal, als klein nietig Belgje, een hoofdrol stond te spelen. Een hoogtepunt in dat hoogtepunt was toen ik de eerste keer “Gebet” zong, samen met Goele de Raedt als Magda en Sven Tummeleer als magistrale Graaf Von Krolock. Ik weet nog dat ik toen dacht: “Vlaanderen boven!” Letterlijk, zo hoog boven op dat huis! ☺
Ik ben zo blij dat Sven zes maanden mijn huisgenootje was. Hij heeft het gemis en de zware momenten zo goed opgevangen, hij werd een vriend voor het leven.

Als ik eerlijk ben, heb ik al een aantal topmomenten in mijn carrière gehad. (Oh jee, nu voel ik mij ineens heel oud! ☺) “Dans der Vampieren”, omdat het mijn eerste échte musical was, “Oliver!” en “14-18”, omdat die beiden totaal onverwacht uit de lucht kwamen vallen en omdat beide casts het éinde waren, zelden zo veel plezier gemaakt op de scène (en erachter ☺). En op dagen waarop het niet zo goed gaat, kijk ik in de spiegel en zeg ik luidop tegen mezelf: “je bent een f*cking Disneyprinses! Laat het los!” ☺☺☺

 

Vind je dat er genoeg aandacht is voor de musical en theater wereld?

Goh, er kan nooit genoeg aandacht zijn voor musical.
Over theater durf ik me niet uitspreken, omdat ik daarvan te weinig op de hoogte ben. Wat musical betreft, vind ik het beetje jammer dat die aandacht pas komt wanneer er BV’s op de scène staan. Zolang die mensen affiniteit hebben met onze wereld is dat geen probleem, zo helpen we elkaar. Maar als het ervoor zorgt dat er weer maar eens wordt neergekeken op musical, vind ik het jammer dat die rollen niet worden ingevuld door getalenteerde mensen die vier jaar of langer keihard hebben gezwoegd om in een musical te kunnen staan. Er is zo ongelofelijk veel talent in Vlaanderen dat genegeerd en miskend wordt omwille van kaartenverkoop en media-aandacht! Mijn hart breekt elke keer opnieuw als ik jonge talenten tegenkom en merk dat ze hun passie aan het verliezen zijn, omdat ze geen kansen krijgen. Het is een harde wereld, maar het kan anders! Maak vaker een minder makkelijke keuze en laat er asjeblieft meer ruimte zijn voor hart/ talent in plaats van verstand/ geld.

 

Staan er nog specifieke musicalrollen op je verlanglijstje?

Ik zou doodgraag ooit in een musical van Stephen Sondheim staan. “Into the woods”, “Sunday in the park with George”, “Sweeney Todd”, “Passion”, “Assassins”, … Het zijn stuk voor stuk pareltjes, die ik elke keer aanhaal als argument wanneer er iemand tegen mij zegt: “Ik haat musical, want het is allemaal zo oppervlakkig.”
Helaas zijn dit producties waaraan geen enkel productiehuis zich waagt, wegens niet commercieel genoeg. Sinds het verdwijnen van de musicalafdeling van Het Ballet van Vlaanderen, komen ze gewoon niet meer aan bod. Nochtans is musicalminnend Vlaanderen wel wat gewoon qua minder voor de handliggende musicals. Kijk maar naar het succes van shows met muziek van Dirk Brossé of de volle zalen bij musicals als “Lelies” of “Muerto”, om er nu maar een paar te noemen. Dat zijn allesbehalve oppervlakkige, gemakkelijke stukken. Bij deze een warme oproep om de Vlaming niet te onderschatten, beste producent! Laat ons de meerwaardezoekende musicalliefhebber ook iets gunnen! Trouwens, zowel “Into the woods” als “Sweeney Todd” zijn verfilmd, dus als ze in Hollywood vinden dat er commercieel potentieel in zit, wie zijn wij dan om dat tegen te spreken? ☺

 

Wat zijn je toekomst plannen?

Op dit moment staan er een aantal projecten in de steigers. In oktober brengt So what! productions de musical “Vomaakt”, waar ik naast o.a. de weergaloze Martine De Jaeger, Daisy Thys en Anneke Lauwereins mag staan. De show heeft een thema dat me zeer nauw aan het hart ligt, dus ik hoop dat het een succes wordt.
Ook met Jurgen Stein zitten er nog een paar leuke ideeën in de bus, die er dringend uit moeten!
En verder: zingen, spelen (en af en toe een beetje dansen ☺)! Mensen ontroeren en meenemen in een verhaal is een roeping en ik hoop dat ik daar kan en mag blijven gehoor aan geven. Wij performers zijn gezegend dat we mogen doen wat we graag doen. Het zou zonde zou zijn om er niet elke keer opnieuw een feestje van te maken en te genieten van het géven aan ons publiek. We krijgen er zoveel voor in ruil… Dus laat die musicals maar komen!

 

Waar zie je jezelf staan binnen 5 jaar?

Helaas bezit ik geen glazen bol… Maar ik ben van het principe “wat moet gebeuren, zal gebeuren”, dus we zien wel wat er komt. Ik ben even benieuwd als jij! ☺